Ouders aan het woord part 3

by Stef ten Haaf

In het derde ouders aan het woord lezen we het verhaal van Judith Knapp. Judith is de moeder van Madelief en Olivier (en van Lieselot maar die zit (nog) niet op judo). Ze vertelt ons een verhaal wat wellicht voor vele ouders zeer herkenbaar is.

Noem mij melancholisch, maar wanneer ik een sprongetje in het verleden waag en terugdenk aan de diverse pedagogische zoektochten om mijn kinderen veilig te laten opgroeien, word ik vervuld met een licht weemoedig gevoel. Hoeveel opvoedboeken ik ook tot me neem, elke dag daagt me opnieuw uit om op  creatieve, gepaste wijze mijn kinderen te begeleiden. Het op zoek gaan naar een geschikte sport of hobby is hier een mooi voorbeeld van.

Toegegeven, het was nogal een klus. Hoe graag ik ook zonder verwachtingen het leven tegemoet wil treden -verwachtingen zorgen immers vaak voor teleurstellingen- merkte ik dat het onmogelijk was om deze gevoelens te negeren. Ik stond dan ook op het punt om mijn eigen vlees en bloed aan andere mensen toevertrouwen. Mensen die ik nog niet kende, vreemden. Mijn ouders hebben me echter liefdevol opgevoed en geleerd altijd uit te gaan van het goede van de mensheid. Het was een ware levensfilosofie om in de basis vertrouwen te hebben. Nooit eerder had ik gedacht dat ik zo’n visie in twijfel zou trekken, totdat ik mijn eigen kinderen op deze aardbol had gelanceerd.

Uitgaan van het goede. Een werkelijk prachtig levensmotto. Maar nu ik moeder was, vond ik het een stuk lastiger. En geloof me, ik vond mezelf er niet gezelliger op worden. Toch wilde ik deze idealistische levenshouding graag in ere houden en probeerde hoe dan ook deze grondhouding in te zetten tijdens de zoektocht naar een geschikte sport of hobby.

Gelukkig hadden mijn kinderen geen last van het proces waarin ik me bevond. Huppelend gingen ze naar het kinderdagverblijf, opa en oma, naar school, spelen bij vriendjes en vriendinnetjes, naar feestjes… Mama had meer verlatingsstress dan haar hele kroost bij elkaar! Wat zijn kinderen toch heerlijk onbeschreven, puur en onbevangen.

Na de welbekende zwemles (“Eerst je zwemdiploma halen, dan mag je kiezen welke sport je graag wilt doen.” – is misschien wel een van de meest uitgesproken zinnen in een Nederlands huishouden.) mochten de kinderen kiezen wat ze graag wilde doen. En natuurlijk wil je als ouder dat je kind zelf een keuze maakt. Maar tig artikelen vertellen ons dat het maken van een keuze nogal een dingetje is. Zijn kinderen wel in staat om een weloverwogen keuze te maken? Mogen wij, als volwassenen, hen die verantwoordelijkheid wel geven? Op welke manier kunnen wij hen helpen -en daarbij niet overspoelen- om iets te kiezen wat bij hen past en waar ze zich goed bij voelen? Soms word ik moe van mijn eigen gedachten, maar laten we wel wezen, zelf vinden we het maken van keuzes toch ook een hele klus.

Uiteindelijk spraken we af dat slechts enkele -eigenlijk relatief eenvoudige- aspecten van belang waren wanneer onze kinderen een sport of hobby gingen beoefenen; de sport/hobby moet leuk worden gevonden; er moet kunnen worden genoten van de aanwezigheid van medesporters en de sfeer van de club; de sport moet uitvoerbaar zijn (mentaal en fysiek) zodat plezier kan worden ervaren en (succes-)ervaring kan worden opgedaan. Maar al vlug merkten we dat ook de mening van anderen meewoog, de voorkeuren van klasgenootjes en uiteraard onze eigen voorkeuren. Objectiviteit is wat dat betreft een illusie.

Dus ook wij hebben met regelmaat de glittermaillots en bijpassende tutu’s -afgewisseld met rijbroeken en uit de kluiten gewassen kniesokken- op het droogrek gehangen, geïnformeerd bij de lokale turn club, tennisclub, het schermgilde en oefenlessen geregeld bij de schaatsclub. Hoe complex je als ouder zo’n zoektocht ook maakt, uiteindelijk is het eigenlijk heel eenvoudig. Wanneer je kind geniet, geniet jij ook. Zo makkelijk is het ouderschap dan ook wel weer. Madelief heeft in haar kleine leven, al een heleboel gedaan. En telkens vol overgave. Een genot om te zien.

Aan het einde van elk schooljaar bespraken we dan samen hoe zo’n jaar was verlopen en maakten we afspraken voor het daarop volgende jaar. Onze regel was dat ze zeker zelf mocht kiezen, maar dat die gemaakte keuze gold voor een heel schooljaar. Zo merkte ze, na een jaartje of zes klassiek ballet te hebben beoefend, dat het plezier minder werd. Niet vreemd, gezien haar ontwikkeling op zowel lichamelijk als mentaal vlak. Ze ontdekte tijdens de lessen haar anders-zijn. Anders-zijn in vergelijking met haar medeballerina’s. Madelief ambieerde geen spitzen, werd niet warm of koud van een gracieuze plié. Ballet en de daaraan gerelateerde wereld werd voor haar, langzaam maar zeker, een ver weg van mijn bed show.

Madelief vond het kiezen van een nieuwe passie ietwat lastiger. Ze vond het dansen niet meer fijn, maar realiseerde zich terdege hoeveel ze had geleerd dankzij de lessen. Ze ontdekte dat ze sterk was, een goede, rechte houding had en een flinke dosis uithoudingsvermogen. Daarnaast ontdekte ze dat ze loyaliteit van groot belang achtte. Ze vond de juf lief en wilde haar niet teleurstellen, dus ging ze trouw naar de les. Maar inhoudelijk vond ze de lessen te mak, te traag. 

Het is wonderlijk hoe verschillend je eigen kinderen zijn. Lieselot, haar jongere zus die ook vijf jaar balletles heeft genoten, kan duidelijk makkelijker keuzes maken. Ze heeft weinig last van invloeden van buitenaf. Ze is weliswaar jonger, vindt een juf of meester ook heel lief, maar ondanks dat gevoel, kiest ze toch voor haar eigen gevoel. Voor haar betekende dat stoppen met dansen en vooral door blijven gaan met paardrijden en toneellessen.  

Madelief bereikt echter de leeftijd waarop ze -enigszins bewust- een keuze kon maken gebaseerd op haar eigen voorkeuren, gebaseerd op haar opgedane ervaringen en verkregen kennis. Ze voelde intrinsieke motivatie, hoe mooi is dat! Zeker volgt ze in deze haar gevoel, maar duidelijk op een andere manier dan haar negenjarige zus. 

Tijdens paardrijden -wat ze wel nog steeds doet- was er geen enkele sprake van makheid. Mede door de beweging, de snelheid, de kick -wanneer je beseft dat je een beest van ruim 600 kilo onder controle hebt (of denkt te hebben)- en kunt samenwerken met zo’n bonk spieren. Maar Madelief wilde meer en vooral vaker dit gevoel van adrenaline ervaren. Dus gingen we weer op zoek. Maar deze keer samen én met bruikbare bagage.

En waar kom je dan terecht? Juist bij de judosport! 

Via via kwamen we in contact met Kenshiro Abbé. Ja, via via, want eerder had ik me eerlijk gezegd nog nooit in judosport verdiept. Ik kende de sport van de sporadische keren dat ik naar de Olympische Spelen keek. Dennis van der Geest leek me altijd zo’n sympathieke gast en ik vond het waanzinnig wat hij op de judomat klaarspeelde. Maar daar bleef het dan ook bij, tot voor (relatief) kort, mijn eigen dochter kreeg interesse voor de sport. 

Ik houd van korte lijntjes en omdat we Sjef Stevens, onze welbekende hoofdtrainer, al kenden (onze kinderen gaan/gingen naar dezelfde Jenaplanschool) stond Madelief al gauw in vol ornaat op de mat in Elsloo. Lang nadenken over de geschiktheid van deze sport voor onze oudste dochter, bleek onnodig. Madelief straalde vanaf de eerste minuut, ze genoot zichtbaar van de -zowel mentale als fysieke- uitdagingen die Sjef creëerde. Met rode wangen en natte haren van het zweet kwam ze, na deze eerste les, glunderend naar me toe en fluisterde nahijgend: “Dit wil ik!” 

Zo gezegd, zo gedaan. Madelief startte in mei 2018 en ontving haar eerste gele slip tijdens het bandenexamen van 30 juni 2018. Ze twijfelde niet lang toen ze hoorde dat ze ook mee kon en mocht doen aan toernooien. Dat wilde ze wel graag! En voor we er erg in hadden, sjeesden we met haar in vol ornaat naar diverse locaties om mee te doen aan de wedstrijden. Eigenlijk kwam het neer op gewoon lekker alles doen, zolang het maar met judo te maken had.

Wij genoten van het plezier dat we in haar ogen zagen wanneer ze op de mat stond. Uiteraard voelde ze spanning voor een wedstrijd, maar ze ervoer en ervaart dit nog steeds als gezonde spanning. Het weerhoudt haar zeker niet. En na een vrij pittige periode, zagen we ons kind opbloeien. Heerlijk om te zien! 

Madelief is een enthousiast kind. Altijd al geweest. Ze vindt veel leuk en beweegt graag. Maar sinds ze Kenshiro Abbé heeft ontdekt is er aan het begrip ‘plezier’ een nieuwe dimensie toegevoegd. Haar onzekerheid, haar twijfel, haar gebrek aan zelfvertrouwen dat zichtbaar is tijdens dagelijkse activiteiten, lijkt als sneeuw voor de zon te verdwijnen zodra ze op de judomat staat. Ze vergeet de dagelijkse sores die horen bij een eigenzinnige twaalfjarige. Ze kan zich verliezen in bewegen en de dagelijkse beslommeringen (waar ook onze jeugd helaas al mee wordt geconfronteerd) even alles helemaal parkeren. Ze kan zich dan heerlijk verliezen in het moment. En hoe!

Ik denk niet dat ik overdrijf wanneer ik judo haar absolute passie noem. Madelief heeft echt gevonden waar ze voor wil gaan. In tegenstelling tot mijn tienerkamermuren -die ik verfraaide met posters van Lenny, Axl, Bruce, James en… och… zucht…- verfraait zij haar slaapkamermuren met posters van judogrepen. Haar ramen zijn versierd met miniatuur judopakjes, boeken over judo wachten geduldig op haar nachtkastje om weer in de avond te worden opengeslagen, trofeeën en medailles vullen haar vitrinekastje. 

Het is bijzonder wanneer je merkt dat je kind, zeker na een turbulente periode, vindt wat ze zoekt. Ik weet ook zeker dat de wijze waarop Kensiro Abbé de trainingen verzorgt onlosmakelijk is verbonden met Madeliefs succeservaring.
De structuur waarmee de trainingen worden verzorgd draagt bij aan het plezier van het beoefenen van de judosport. Als ouder vind ik, onder meer, de balans tussen falen en successen zeer waardevol. Natuurlijk vindt madelief het jammer als ze een keer niet wint, maar meer ook niet. Alles is gericht op het uitoefenen van de judosport en daarbij telt dat meedoen belangrijker is dan winnen. Wat een prachtige levensles!

Madelief leert dat volledige inzet van belang is, dat volhouden een must is, dat respect onlosmakelijk verbonden is met (menselijke) omgang, dat intens trainen zorgt voor voldoening, dat oprechtheid, eerlijkheid cruciaal is voor een mooie wedstrijd. Ze leert dat groeten en danken, net zo van belang zijn als de sport an sich. Wanneer ze wordt geworpen, verliest ze de controle en daarmee ervaart ze dat dit onoverkomelijk is. Loslaten en accepteren. Judo is een ware levensles!

Het gevoel bij Kenshiro Abbé was sinds dag één al goed. Voor haar én voor ons. En dat wil wat zeggen, zeker gezien mijn moeite met loslaten! De duidelijke regels, de vaste structuur, de liefdevolle, maar strikte benadering, de technische uitleg, de balans tussen aanvallen en verdedigen, de betrokkenheid, het begrip, dit en nog meer zorgde ervoor dat we ons enorm thuisvoelden. Het was voor ons dan ook niet meer dan vanzelfsprekend dat we na onze verhuizing van Geleen naar Susteren, Madelief nog steeds naar Elsloo bleven brengen voor haar trainingen. 

En wat was ze blij toen de trainingen weer konden starten na de eerste intelligente lockdown. De creatieve manier waarop het bestuur aan de slag ging om de conditie van de leden weer op peil te krijgen was en is bewonderingswaardig. Ook tijdens de lockdown was de betrokkenheid voelbaar en heeft Madelief, mede daardoor, geen moment de club uit het oog verloren. Verbinding is dan ook een begrip dat onlosmakelijk verbonden is met Kenshire Abbé en ervoor zorgt dat wij ons, ondanks de huidige maatregelen, nog steeds verbonden voelen met de club. Een warm bad. Een club waar traditioneel en gedisciplineerd de schoonheid van de judosport in ere wordt gehouden. 

Tijdens het bandenexamen in december 2019 mocht Madelief haar oranje band sieren met twee groene slippen. Ze verheugt zich nu alweer op het aankomende bandenexamen. En dit alles neemt ze zeer serieus, traint daarom twee keer per week en doet mee aan de wedstrijdtrainingen. Madelief vindt de trainingen en de begeleiding van hoofd- en hulptrainers hartstikke fijn. Het overslaan van een training is geen optie, ze baalt dan ook wanneer ze in ‘het nieuwe nu’ zich moet afmelden vanwege een verkoudheid. Begrijpelijk, maar soms toch erg jammer. 

Het beoefenen van de judosport heeft Madelief enorm geholpen in haar ontwikkeling. Ze heeft een waardevolle verandering ervaren door te ontdekken wat ze kan, door om te leren gaan met hetgeen ze moeilijk vindt, met een teleurstelling. En dit alles gecombineerd met een voortdurend gevoel van acceptatie. Kenshiro Abbé heeft dan ook telkens op een duidelijke en liefdevolle wijze begeleid waardoor Madeliefs motivatie en energie positief bleven. 

Het is dan misschien geen verrassing dat haar vierjarig broertje ook geniet van de judosport bij Kenshiro Abbé. Sinds een klein jaartje mag hij zich op de judomat begeven en geniet hij met zijn medekleuters van de beginselen van de sport. Olivier vindt het -net zoals zijn grote zus- helemaal te gek. Hij vindt de club zo leuk, dat hij Sjef overal in herkent. Zelfs op de verpakking van een yoghurtpak! Én daarbij val ik hem nog niet lastig met de welbekende leus: “Eerst je zwemdiploma halen, dan mag je kiezen welke sport je graag wilt doen.” Het heeft zo z’n voordelen om de jongste te zijn…